Grand Gascon Saintongeois (rasgroep 6)

Dit ras is in stand gehouden door Baron Joseph de Carayon-LaTour van Kasteel Virelade. Na de Franse Revolutie kwam hij in het bezit van de enige overgebleven Gascon Saintongeois: 1 teef en 2 reuen. Deze kruiste hij met Grand Bleu de Gascognes van een andere fokker. Het resultaat was verbluffend en de nakomelingen noemden zij: Grand Gascon Saintongeois. Echter, op dit moment is het ras nog steeds een zeldzaamheid.

 

Er is ook een kleinere variant: de Petit Gascon Saintongeois.

De Grand Gascon Saintongeois is groot, heeft een adellijke uitstraling, is goed gespierd en toch elegant. Deze jachthond heeft snelheid, uithoudingsvermogen, een goede neus en een heerlijke welluidende stem. Hij heeft een trotse houding, een vriendelijk karakter, is nooit achterdochtig, hoog uit wat gereserveerd. Jagen doet hij meestal met een groep, zogenaamde meutes.

Schofthoogte: 62 tot 72 cm

De korte vacht is waterafstotend en wit met zwart van kleur. Een tanaftekening op de wangen, boven de ogen en op de voeten wordt geprefereerd. Boven de hak zien we een bruine vlek, wat volgens de kenners een kenmerk is van her ras.